dinsdag 22 april 2014

Lessons from a Zen Garden - Lessen uit een Zentuin

There is so much that needs to be said. That I want to say. Yet the longer I wait, and the more I'm forced to postpone, the less urgent it becomes. As it turns out, there is not that much that needs to be said. Actually, keeping quiet is fine with me.
Turn within. Rest. Pick up where I left off. And breathe. "One day at a time", Kenji said. "Tomorrow there will be another day", a friend said. "I'm picking up your boys for a sleepover", an angel said.

What cannot wait is this: the garden where everything comes to life. A place where I dwelled freely and found myself again. My dear friend Karen Maezen Miller's new book Paradise in Plain Sight: Lessons from a Zen Garden is now available. Whoever is looking for a moment of peace, who wants to be soothed by Maezen's amazingly calming voice and who needs to be reminded that you don't have to find your path, because you are already on it, simply has to watch this beautiful video (and buy the book!).

•••

Wat ik allemaal al niet meen te moeten zeggen. Of zou willen zeggen. Maar hoe langer ik wacht en hoe meer ik gedwongen word om het voor me uit te schuiven, des te minder belangrijk het wordt. Eigenlijk hoeft er helemaal niet zoveel gezegd te worden. En vind ik het best prima om mijn mond te houden.
Mijn blik naar binnen keren. Uitrusten. De boel oppakken waar ik gebleven ben. En doorademen. "Eén dag tegelijk", zei Kenji. "Morgen is er weer een dag", zei een vriendin. "Ik kom je jongens ophalen voor een nachtje logeren", zei een engel.

Wat niet kan wachten is dit: de tuin waar alles tot leven komt. Een plek waar ik naar hartelust kon ronddolen en mezelf weer vond. Mijn dierbare vriendin Karen Maezen Millers nieuwe boek Paradise in Plain Sight: Lessons from a Zen Garden is nu verkrijgbaar (voorlopig alleen in het Engels). Wie op zoek is naar een rustmoment, wie zich wil laven aan Maezens ongelofelijk kalmerende stem en wie eraan herinnerd wil worden dat je je weg niet hoeft te vinden, omdat je je er al op bevindt, die moet zeker even deze prachtige video bekijken (en het boek kopen!)

zondag 13 april 2014

Nocturnal thoughts [sorry, English only today]

At four 'o clock in the morning, all I could think of was the consultant that visited our home a couple of days ago. Kenji was sitting on the toilet, so incredibly exhausted that I almost had to help him stay upright. For hours he had been vomiting and he was tortured by severe diarrhea. As his body weakened with every run to the toilet, my heart sank.
I stood in the doorway of the toilet and cried. I looked at the person who was at loss what to do with himself: after twelve rounds of vomiting, he was desperate since his body wouldn't stop harassing him. I shared his despair. I needed a good night's sleep and had barely had any rest at all. I knew how much cleaning I had to do upon waking and I could already predict that our family plans for the day had to be cancelled altogether. Kenji would be in bed, too tired for anything - that was, if a hospitalization because of dehydration could be averted in the next couple of hours.

I cried because the boys would end up being the victims of the situation, once again. I cried because the consultant suggested that we should outsource the boys, in order for me to recuperate a bit. Over and over the 'professionals' seem to ignore the fact that my children are not the reason that I'm eroded from the inside. When my eyes met Kenji's, I could tell he immediately understood my emotions. He kept apologizing for the mess he made - which obviously wasn't his fault at all. Yesterday he had been perfectly fine. And overnight, everything changed.

Who are you going to call in the middle of the night to lend a hand? Nobody. Who will do the dirty work? Nobody but me. Who will dry the boys' tears, deal with their frustrations and try to make the most of the day, since their parents' promises couldn't be kept again? Me, me and me.
"You are Rocky", my friend the nurse told me, after I'd confessed how super sad I was. "Just say it: I am rrrrrrocky". I smiled. And then I crafted some obligated Easter school stuff with the boys, cargo biked them across town, and made my family whole again. Being Rocky rocks.

(Pssst... more Easter crafts on my guest blog @ Benjamin Bengel!)

donderdag 10 april 2014

Stories of the past - Verhalen uit het verleden

"Well, let me see. Your email dates of 21 November 2013, is that correct? Unfortunately we had to deal with long waiting lists and then of course you cancelled a couple of times because of your husband's hospitalizations." We find ourselves sitting at our kitchen table, yet Kenji and I don't feel comfortable at all. It's the company that is throwing us off guard: we are having an intake with a consultant of an organization that supports people who are dealing with chronic illness. Even though the woman is truly nice, something is off. "Your wife has written a brief summary, but how about you tell me your story? I would rather hear it from you." She smiles encouragingly at Kenji and, polite as he is, he starts talking.

I have heard his story many, many times. I am part of his story. However, the longer he keeps on living after the diagnosis that we assumed would kill him right away, the longer his story becomes. Needless to say, it hasn't become any prettier.

As I hear Kenji talk, in the safety of his own home, the grief becomes almost unbearable. Kenji masters the art of eloquence very well and he always chooses his words carefully. And so he presents a clear overview of the medical facts of the last three years, combines that with his current complicated medical condition and summarizes casually which future risks are to be expected. I notice how the consultant has a hard time following him. Yes, I want to add, it is an exceptional story and Kenji simply is a great talker. This kind of discourse isn't normally expected from someone this ill. Instead of interfering, I try to push the knot in my stomach away. I keep silent and sip from my coffee, that tastes horrible. How come? It's my own coffee, from my own coffee maker, and normally it's delicious.

As I said, something is off. The deep pain that comes with digging up the past is something that gets overlooked when you engage in a 'simple' request for support. The only way to deal with the pain of the past is to focus on the present moment, where pain is absent. Completely.
In the end I get my say: "Of course I'm tired. I'm absolutely dead tired. But the happiness my marriage brings me and the joy I get from being with my two amazing boys is all I could ever ask for. We are determined to make the very most of the time that we still have together as a family." Case closed.

•••

"Goed. Laat me eens kijken, jouw mailtje is van 21 november 2013, toch? Helaas hadden wij te kampen met lange wachtlijsten en daarna moesten jullie een paar keer afzeggen vanwege je man zijn ziekenhuisopnames." Kenji en ik zitten aan onze eigen keukentafel, maar we voelen ons helemaal niet op ons gemak. Niet de plaats, maar het gezelschap is de boosdoener: we hebben een intakegesprek met een consulent van een organisatie die mensen met een chronische ziekte ondersteunt. En ook al betreft het een buitengewoon aardige dame, iets klopt er niet. "Je vrouw heeft al een korte samenvatting gegeven, maar wat dacht je ervan als jij me je verhaal vertelt? Ik hoor het liever uit jouw mond." Ze glimlacht bemoedigend naar Kenji en, beleefd als hij is, steekt hij van wal.

Ik heb al ik weet niet hoe vaak zijn verhaal gehoord. Ik maak immers deel uit van zijn verhaal. En toch, hoe langer hij in leven blijft na de diagnose waarvan we verwachtten dat hij meteen dood zou gaan, des te langer zijn verhaal wordt. Het moge duidelijk zijn dat het verhaal er mettertijd niet mooier op is geworden.

Terwijl ik Kenji hoor praten, in zijn vertrouwde omgeving, trek ik mijn verdriet maar nauwelijks. Kenji is enorm welbespraakt en kiest zijn woorden altijd heel zorgvuldig. En dus geeft hij een glashelder overzicht van de medische feiten van de afgelopen drie jaar, voegt hij daar zijn huidige gecompliceerde medische toestand aan toe en somt tussen neus en lippen nog even op welke risico's we in de toekomst mogen verwachten. Ik zie hoe de consulent er met moeite chocola van maakt. Ja, wil ik toevoegen, het is inderdaad een ingewikkeld verhaal en Kenji kan het nou eenmaal uitstekend verwoorden. Een dergelijk betoog hoef je normaal niet te verwachten van iemand die zo ziek is. Maar in plaats van me ermee te bemoeien, probeer ik de knoop in mijn maag weg te drukken. Ik houd mijn mond en neem kleine slokjes koffie, die opeens vreselijk vies smaakt. Hoe kan dat nou weer? Het is mijn eigen koffie, uit mijn eigen koffiepot, en anders is 'ie heerlijk.

Zoals ik al zei: er klopt iets niet. De intense pijn die tevoorschijn komt zodra je het verleden oprakelt, is iets wat over het hoofd wordt gezien als je besluit om 'gewoon' om hulp te vragen. De enige manier om met de pijn uit het verleden om te gaan, is je te richten op het heden. Hier en nu is er geen pijn. Echt niet.
Uiteindelijk mag ik ook mijn zegje doen: "Natuurlijk ben ik moe. Ik ben dood- en doodmoe. Maar het geluk dat mijn huwelijk me geeft en hoe blij ik word van samen met mijn twee geweldige jongetjes te zijn, is meer dan ik me ooit had kunnen wensen. We zijn vastbesloten om alles uit de tijd te halen die ons als gezin gegeven is." Einde betoog.

zaterdag 5 april 2014

The Impossible - Het Onmogelijke

Yesterday I wrote a friend a quick note with the bottom line: doing the impossible here, which is apparently still possible. As soon as I saw the words on my screen, something clicked. For fourteen days on end, I had been trying not to worry, not to give in to my crazy mind and to keep my cool - but what I didn't realize until the moment I pressed send, was that I had actually succeeded.

Two weeks ago, Little Brother got the flu. He had a high fever that was very persistent, despite regular paracetamol intake. Of course there was no way that Little Brother could go to school - however, I had tons of work to do. This is impossible, I thought. I cannot finish my work when he is running around, whining and demanding my attention. As it turned out, Little Brother (who normally throws a tantrum as soon as he sees me opening my laptop) was perfectly fine with sitting next to me at the table and doing I don't know how many coloring sheets. The printer did overtime and I made my billable hours.
Then a new client came along. Great news, except when was I going to squeeze the work in? Let me tell you, nights can be very productive. Only there was also a workshop day at school that I signed up for (obviously long before I knew my schedule was going to be this full). The morning I walked to school in the drizzling rain, I felt my body going stone cold. With eight kids I had a great time gardening in the school yard, mission completed, and then I ran back home to work again. Could I go on like this? Impossible.

A fever hit me so incredibly hard, that I seriously considered calling a doctor. Little Brother's fever had been mild, compared to mine. I was completely out for a couple of days and then it was Monday. A work day. I had no choice but to do something I'd always considered impossible: calling in sick. The funny thing with working freelance and being sick, is that you are still on duty. So I never call in sick, because the work continues anyway; as was indeed the case the past week. I simply tried to make the most, or better: least, of it.
And then there is one obvious element missing in this summary. By now you can put one and one together, right? Me + flu meant a trip for Kenji to the emergency room. Kenji was sent home with a bag of expensive pills and ever since he has been taking care of me, instead of the other way round. Talk about the impossible! If only I could pop some of those magic pills as well…

I'm still wasted. But my mind is clear. I made it and, more importantly, the impossible was tackled with flying colors. The rising and falling continuous, as it will always do.

•••

Gisteren schreef ik een vriendin een snel mailtje dat hierop neerkwam: ik doe het onmogelijke hier, wat blijkbaar hartstikke mogelijk blijkt te zijn. Zodra ik dat op mijn scherm zag staan, klikte er iets. Veertien dagen lang had ik geprobeerd om me geen zorgen te maken, om niet toe te geven aan mijn gekmakende gedachten en om de kalmte te bewaren - maar wat ik me pas realiseerde op het moment dat ik op verzenden drukte, was dat het ook daadwerkelijk was gelukt.

Kleine Broer kreeg griep, nu twee weken geleden. Hij had hoge koorts, die ondanks een flinke dosis paracetamol maar niet wegging. Natuurlijk kon Kleine Broer onmogelijk naar school - maar ik had met toch een berg werk om af te maken. Dit is onmogelijk, dacht ik. Ik krijg nooit mijn werk af als hij hier rondloopt en jengelt en continu om aandacht vraagt. Wat bleek: Kleine Broer (die normaal al een driftbui krijgt als hij ziet dat ik m'n laptop openklap) vond het prima om naast me aan tafel te zitten en ik weet niet hoeveel kleurplaten te kleuren. De printer draaide overuren en ik kon mijn declarabele uren schrijven.
Toen kreeg ik een nieuwe klant. Prachtig nieuws, maar wanneer ging ik vredesnaam het werk doen? Met avonden blijk je ook een heel eind te komen, zo blijkt. Vervolgens was er een workshopdag op school waar ik me voor opgegeven had (uiteraard lang voordat ik wist dat het zó druk zou worden). Op de ochtend dat ik naar school liep in de miezerende regen, voelde ik mijn lijf ijskoud worden. Met acht kinderen tuinierde ik er op los op het schoolplein, missie geslaagd, en toen weer gauw terug naar huis om te werken. Kon ik zo doorgaan? Onmogelijk.

Ik kreeg zulke hoge koorts, dat ik serieus overwoog om een dokter te bellen. Kleine Broers koorts was een eitje geweest, vergeleken met die van mij. Ik was een paar dagen compleet van de wereld en toen was het maandag. Een werkdag. Ik had geen andere keus dan iets te doen wat ik altijd onmogelijk acht: me ziek melden. Het bizarre met freelance werken en ziek zijn, is dat je toch oproepbaar bent. Dus meld ik me maar nooit ziek, want het werk gaat toch wel door; zo ook de afgelopen week. Ik heb maar geprobeerd er het beste, of beter: het minste, van te maken.
En dan mist er natuurlijk nog een element in dit verhaal. Nu kunnen jullie de optelsom wel maken, toch? Ik + griep betekende een ritje spoedeisende hulp voor Kenji. Kenji mocht gelukkig naar huis met een tas vol dure pillen en sindsdien zorgt hij eigenlijk voor mij, in plaats van andersom. Over het onmogelijke gesproken! Kon ik maar wat van die superpillen nemen...

Ik ben nog steeds gevloerd. Maar mijn hoofd is wakker. Ik heb het gehaald en, veel belangrijker, het onmogelijke is met vlag en wimpel verslagen. De ups en downs gaan door, zoals ze dat altijd zullen doen.

zondag 23 maart 2014

Who's right? - Wie heeft er gelijk?

It's never about right and wrong. About whose fault it is, or about who should change his or her point of view.

As I rearrange some books I keep on my nightstand, and decide to finally throw away some old magazines, my mind jumps back to the past. It doesn't matter what I touch, it all reminds me of the hardships of 2011. What an excruciating year it was. I couldn't say it out loud. The depths of the pain and the loss always got stuck somewhere in my throat. Besides, I felt like I wasn't allowed to scream and go wild, like I was supposed to be someone I was not. Dealing with a mortally ill Kenji was already so difficult for others, the sad wife had better shut up. I open a black garbage bag and suddenly getting rid of the past is the most alluring thought.
I literally held on to a lot of stuff. When from one day to the next, your income is almost gone, you save things 'for later'. You buffer for the unknown, since you are so scarred, that you believe hard times are lurking everywhere.

Kenji wasn't just diagnosed with acute leukemia. We completely lost the life we had - not to mention the life we thought we were going to have. When on top of that, cancer lead to serious and completely unforeseen money problems, I felt choked. Utterly strangled and all of a sudden like a child again. As if, when it came to money, I had no right of say whatsoever anymore.
I fill the garbage bag and as it gets heavier, I sense a lot of kindness for myself. Of course I made the right decisions, I should never have doubted myself. Nobody denied me any opinion, I was simply too afraid to speak up. I couldn't bear losing more than I had already lost.

The wisest thing to do when you find yourself in an argument, is to entirely walk away from it. Ignore the nagging voice in your head that is insisting to be heard, suppress the tendency to convince the whole wide world that you are so absolutely right. In avoiding the right and wrong, you not only free the other, but especially yourself.

Looking around to what's left in my bedroom, I know I was right. There hasn't been a day on which I wasn't right. But that opinion deserves nothing more than to be thrown out with the garbage as well.

•••

Gelijk of ongelijk hebben, doet er eigenlijk niet toe. Net zomin als wiens schuld het is, of wie er zijn mening zou moeten bijstellen.

Ik schuif wat heen en weer met de boeken op mijn nachtkastje en besluit eindelijk eens wat oude tijdschriften weg te gooien. Mijn gedachten dwalen af naar het verleden. Het maakt niet uit wat ik door mijn handen laat gaan, alles doet me denken aan de ellende in 2011. Wat een vreselijk naar jaar het was. Ik kon het niet hardop zeggen. Hoe groot de pijn was, hoe immens het verlies: het bleef altijd ergens in mijn keel steken. Daarbij voelde het alsof ik helemaal niet mocht schreeuwen of uit mijn dak gaan, alsof ik maar liever iemand moest zijn die ik niet was. Kenji die opeens doodziek was, bleek voor mensen al moeilijk genoeg om mee om te gaan, dan moest z'n gebroken vrouw maar even uit beeld. Ik schud een zwarte vuilniszak open en plotseling is dat verleden wegkeilen, wel heel aanlokkelijk.

Tsjonge, wat heb ik een boel bewaard. Als van de ene op de ander dag je inkomen bijna verdwijnt, ga je dingen 'voor later' bewaren. Je maakt een buffer voor het onbekende, omdat je zo getekend bent, dat je gelooft dat er altijd barre tijden op de loer liggen.

Kenji kreeg niet alleen te horen dat hij acute leukemie had. We verloren op dat moment ons hele leven - om nog maar niet te spreken over het leven waarvan we dachten dat het voor ons lag. Toen daarbovenop kanker ook nog eens tot totaal onvoorziene geldproblemen leidde, voelde het alsof ik geen adem meer kreeg. Compleet verstikt en daarmee plotseling weer een kind. Alsof ik, waar het op geld aankwam, geen enkele zeggenschap meer had.
Ik vul de vuilniszak en naarmate die zwaarder wordt, bespeur ik veel zachtheid voor mezelf. Natuurlijk maakte ik de juiste keuzes, ik had nooit aan mezelf moeten twijfelen. Niemand ontzegde me mijn mening, ik was gewoon te bang geweest om mijn bek open te trekken. Nog meer kwijtraken dan ik al was, had ik niet kunnen verdragen.

Het beste wat je kunt doen als je in een ruzie verwikkeld bent, is weglopen. Dat drammende stemmetje in je hoofd negeren, dat per se gehoord wil worden, de neiging om de hele wereld te laten weten dat jij heus écht gelijk hebt, onderdrukken. Door de kwestie gelijk of ongelijk te vermijden, doe je niet alleen de ander een enorm plezier, maar vooral jezelf.

Terwijl ik de slaapkamer rondkijk en zie wat ik nog heb, weet ik dat ik gelijk had. Sterker nog, er was geen dag waarop ik ongelijk had. Maar die mening hoeft nergens anders heen dan in de vuilniszak.